Interview Cecile Korevaar: Playing ‘The Game’ 

Je hebt in het nieuws vast weleens items over vluchtelingen gezien. Maar hoe zou het zijn om zoiets zelf mee te maken? Om je vertrouwde omgeving achter te laten en op reis te moeten, zonder dat je weet waar je uitkomt? Dat vroeg Cecile Korevaar zich af toen zij in 2015 beelden van de vluchtelingenstroom uit Syrië zag. Ze wist het meteen: dit werd het onderwerp van haar nieuwe boek. In Thuis draag ik bij me vertelt Cecile het verhaal van drie jongeren die hun thuis ontvluchten, op zoek naar een veilige plek en een betere toekomst.  

Door Bibianne Oelderik 

Thuis draag ik bij me is gebaseerd op de verhalen van Christine, Michel en Hassan. Hoe ben je met hen in aanraking gekomen? 
‘Ik ken zelf niemand die ooit gevlucht is, dus ik ben een gaan googelen en kwam zo toevallig in contact met een vrouw die ik nog ken uit mijn studententijd, Fleur Bakker. Zij is onder meer oprichter van Beautiful Mess, drie restaurants die worden gerund door statushouders (mensen met een vluchtachtergrond). Zij bracht mij in contact met Michel, die toen bij een van die restaurants werkte. Via Michel kwam ik in contact met Christine, en toen zocht ik nog één ander persoon, want ik had al wel in mijn hoofd zitten dat ik over drie personages zou gaan schrijven. Toen ben ik via Fleur ook nog met Hassan in contact gekomen.  
Ik ben veel met dit drietal gaan praten en zo begonnen hun verhalen langzaam tot leven te komen. Ik heb toen besloten dat mijn boek zoveel mogelijk over hun verhalen zou gaan, maar niet volledig identiek werd. Ik wilde namelijk het verhaal van mensen op de vlucht zo breed mogelijk neerzetten en dat zou niet lukken als ik alleen maar de verhalen van Hassan, Michel en Christine zou beschrijven.’  

Voor het schrijven van dit boek volgde je de Balkanroute, dezelfde vluchtroute die de jongeren hebben afgelegd. Hoe was dit voor jou? 
‘Dat was heel heftig. Het was een reis van twee weken vanuit Izmir naar Wenen. Het eerste deel van de reis was in Turkije en Griekenland, dat was op een hele andere manier heftig dan de situatie in de Balkan. Je had daar veel meer vluchtelingenkampen en bijvoorbeeld de smokkelaarssituatie in Izmir, waar mensen en winkels echt winst proberen te maken aan die oversteek naar Lesbos. We zijn vervolgens overgestoken naar Lesbos en hebben daar een tijdje vrijwilligerswerk gedaan. 
De crisis was het meest zichtbaar in Servië. Servië zit namelijk niet bij de EU, dus de Europese grens loopt bij Hongarije. Daardoor hoopt de vluchtelingenstroom zich in Servië op en zijn er daar allemaal mensen die in bossen of oude gebouwen kampementen proberen te creëren. Mensen leven daar bijna als dieren, dat was afschuwelijk om te zien. Ze proberen daar de grens over te steken en noemen dat “The Game”. Vaak vinden er tijdens de oversteek “pushbacks” plaats, waarbij de Kroatische of Hongaarse politie die vluchtelingen terug knuppelt en alles afpakt wat ze op dat moment bij zich hebben. Je moet dan opnieuw opzoek naar geld en spullen en “The Game” start dus opnieuw. Het voelde daar echt alsof ik het afvoerputje van Europa meemaakte. Dat was een van de heftigste delen van mijn reis.’  

Je boeken behandelen thema’s die prima kunnen vallen onder literatuur voor volwassenen. Heb je er bewust voor gekozen om deze thema’s juist in YA-boeken te verwerken? 
‘Ik denk dat je als schrijver van jezelf een bepaalde stem hebt en die van mij past het best bij een YA-publiek. Ik heb altijd al heel graag met jongeren gewerkt, het is zo’n bijzondere doelgroep. Ik weet nog goed dat ik zelf op die leeftijd was en toen een boek las van Christiane F., een Duits meisje dat al op haar veertiende drugsverslaafd was. Dat boek maakte veel indruk op mij en heeft me enorm aan het denken gezet over de verhalen achter bepaalde gebeurtenissen. Je kan echt impact maken op jongvolwassene lezers, al is het maar een klein beetje. Ik zou het ook heel mooi vinden als mijn boeken zoiets teweeg kunnen brengen, dat je jongeren net even aan het denken zet of ze net even wat compassie laat voelen voor een bepaald verhaal, zoals boeken dat vroeger ook bij mij deden.’

Is het lastig om bepaalde thema’s zo te beschrijven dat het goed te bevatten is voor jongvolwassen lezers? 
‘Ja, maar voor mij zit daar juist de uitdaging in. Ik vind het belangrijk dat jongeren meer te weten kunnen komen over de verhalen achter de krantenkoppen. Ik wilde vooral de menselijke kant van die verhalen belichten. Dat motiveert mij om zoiets heel complex en heftigs tot een toegankelijk geschreven verhaal te maken. Dat is lastig, je moet namelijk keuzes maken aan wat je vertelt aan heftigheden, maar tegelijkertijd wil je het verhaal vertellen zoals het ook echt is. Het is rauw, dus je kan niet anders dan het rauw neer te zetten. Je kan het niet mooier maken dan het is, zeker niet tegenover mensen die het meemaken, dan zou je niet de waarheid vertellen.’  

Cecile Korevaar, Thuis draag ik bij me, Uitgeverij Blossom Books, 248 pagina’s (€ 18,99) 

Dit interview verscheen eerder in de Boekenkrant, editie mei 2022.
Benieuwd geworden? Bestel dit boek bij uw lokale Boekenkrant-boekhandel. Kijk hier voor een overzicht.

Berichten gemaakt 5295

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde berichten

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven