Boekfragment: Het hart van de heks

‘Een geweldige, feministische hervertelling van de Noorse mythen rond Ragnarök.’ – Booklist 

Lang geleden, toen de goden jong waren en Asgaard nieuw, kwam er een heks van de rand van de werelden. Ze kende veel oude spreuken, maar ze was vooral bedreven in seidr, een vorm van magie waarmee je uit je lichaam kon treden en de toekomst kon voorspellen. Dat sprak Odin, de hoogste van de Asen, heel erg aan. Toen hij over haar vaardigheden hoorde, bood hij de heks aan om haar zijn kennis van de runen bij te brengen en in ruil daarvoor zou zij hem seidr bijbrengen. 

Aanvankelijk twijfelde ze. Ze had genoeg over Odin gehoord om haar te laten aarzelen. Maar ze wist dat hij zijn geheimen niet zomaar deelde, wat inhield dat haar kennis van seidr van grote waarde voor hem moest zijn. En dus onderdrukte ze haar argwaan over deze grimmige eenogige god en accepteerde zijn aanbod. 

Toen ze samen seidr beoefenden, merkte de heks dat ze verder naar beneden werd getrokken dan ze ooit was gegaan en ze scheerde langs een plek die donkerder was dan het begin van de tijd zelf. Deze plek beangstigde haar en de geheimen die er besloten lagen waren groot en verschrikkelijk, waardoor ze niet dieper durfde te gaan – tot groot ongenoegen van Odin, want de kennis die hij zocht lag daar verborgen en hij dacht dat alleen zij die kon bereiken. 

De heks leerde haar magie ook aan de rivalen van de Asen, de Wanen, een zuster-ras van goden wier woonplaats ze was gepasseerd op weg naar Asgaard. De Wanen konden als beloning voor de diensten van de heks alleen maar aan goud denken, hoewel ze daar weinig om gaf. 

Maar toen Odin besefte dat ze heen en weer reisde tussen Asgaard en Vanaheimr, rook hij een kans. Hij zette de Asen op tegen de heks en noemde haar Gullveig, ‘goudroes’. Ze dreven speren door haar heen en verbrandden haar drie keer en drie keer werd ze herboren – want ze was heel oud, heel moeilijk te doden en veel meer dan ze leek. Elke keer dat ze verbrandde, probeerde Odin haar te dwingen naar de donkere plek te gaan om erachter te komen wat hij wilde weten en elke keer verzette ze zich. En toen de Wanen hoorden hoe de Asen haar behandelden, werden ze woedend en zo werd de eerste oorlog in de kosmos uitgeroepen. 

De derde keer dat ze herboren werd sloeg Gullveig op de vlucht, hoewel ze iets achterliet: haar doorboorde hart, dat nog steeds lag te roken op de brandstapel. 

Daar trof híj het aan. 

Enige tijd later spoorde hij haar op in het diepste, donkerste bos aan de verste rand van Jötunheimr: het land van de reuzen, de bittere vijanden van de Asen. Dit bos heette IJzerwoud, waar de knoestige grijze bomen zo dik waren dat er geen echt pad doorheen liep en zo hoog dat ze de zon afschermden. 

Hij hoefde zich echter niet in die bossen te wagen, want bij de oever van de rivier die IJzerwoud scheidde van de rest van Jötunheimr trof hij de heks aan, die over het water naar het dichte bos en de bergen daarachter staarde. Ze zat met een dikke mantel om haar schouders en een kap over haar hoofd getrokken op een ruwe wollen deken. De zon scheen, maar ze zat in de schaduw, haar handen gevouwen in haar schoot, leunend tegen een boomstam. 

Genevieve Gornichec, Het hart van de heks, vertaling: Dennis Keesmaat, Uitgeverij Orlando, 320 pagina's (€ 24,99) 
www.uitgeverijorlando.nl

Dit boekfragment verscheen eerder in de Boekenkrant, editie mei 2022.
Benieuwd geworden? Bestel dit boek bij uw lokale Boekenkrant-boekhandel. Kijk hier voor een overzicht.

Berichten gemaakt 5317

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde berichten

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven