Interview Liselotte van Leest: Honderd jaar oude doofpot  

Voor veel Tilburgers is het inmiddels een legende: de moord op de elfjarige Marietje Kessels in de Noordhoekkerk in 1900. Journalist Liselotte van Leest kent het verhaal al uit haar jeugd: haar overgrootmoeder was Marietjes beste vriendinnetje. De moord werd nooit opgelost. ‘Ik vond dat als kind een heel indrukwekkend verhaal: een vermoord meisje dat naakt in de kerk werd gevonden, en iedereen hield z’n mond – want misschien had de pastoor het wel gedaan.’ 

Door Mirjam Mulder 

Van Leest dook de archieven in toen ze erachter kwam dat er een strafdossier was waar nog niet eerder een journalist naar had gekeken. Al snel ontdekte ze dat er nog veel nieuwe feiten waren te vertellen. In De zaak-Marietje Kessels reconstrueert ze niet alleen de moordzaak, maar ook de psychologie van een samenleving in een vervlogen tijd. Het boek leest als een spannende detective, waarin niemand betrouwbaar is en je telkens kruimels informatie krijgt waarmee je uiteindelijk zelf het mysterie moet ontrafelen.  

Je reconstrueert in het boek vooral het onderzoek van justitie naar de twee hoofdverdachten, de koster en de schilder, in plaats van de moord zelf. Was dat vanaf het begin de bedoeling? 

‘Ja. Ik wist al vrij snel dat je de moord niet meer kunt reconstrueren, want het materiaal daarvoor is totaal niet toereikend. Je hebt geen vingerafdrukken, geen DNA, de kerk bestaat niet meer, er zijn geen kleren bewaard… Er is helemaal niets tastbaars overgebleven. Dus je moet het echt gaan zoeken in het onderzoek van justitie. Dat is nog wel grotendeels te vinden. Toen ik daarin dook, kwam ik er vrij snel achter dat er veel dingen niet goed waren gegaan in dat proces. Er werden doelbewust dingen verzwegen of verdraaid. Dus ik vond dat daar de nadruk op moest gaan liggen.’ 

Je schetst ook een heel levendig beeld van Tilburg anno 1900. Was dat ook je doel met dit boek? 

‘Aanvankelijk niet. Maar ik kende die tijdgeest niet goed genoeg, en dus ben ik eerst historisch onderzoek gaan doen. Religie speelde toen nog een hele belangrijke rol: de Brabantse samenleving voelde zich minder dan de rest van Nederland, omdat die katholiek is en de protestanten van boven de rivieren een beetje op hen neerkeken. Het Vaticaan had in die tijd veel macht verloren. Het was ook nog echt een klassenmaatschappij: je had de arbeiders, die alles maar slikten en deden wat er gezegd werd en opkeken tegen “meneer pastoor”, en je had de rijken, die koste wat het kost geen gezichtsverlies wilden lijden. Zij zaten vaak in de politiek voor de katholieken en hadden er dus ook baat bij dat de kerk geen gezichtsverlies zou lijden. Dat was heel belangrijk om te weten, want dan kun je die moordzaak veel beter duiden: waarom zeggen mensen dat of waarom liegen ze daarover? Je kunt niet zomaar iedereen vertrouwen, want mensen vonden het doodeng: er was een kind in de kerk vermoord, hun veilige haven. Ze wilden eigenlijk niet weten dat daar iemand van die kerk mee te maken had. Dat mócht niet zo zijn.’ 

Waren mensen echt bang om te getuigen? 

‘Nou, dat is natuurlijk niet te achterhalen, want er staat niet in een getuigenschrift dat iemand bang was. Maar je merkt wel dat mensen voorzichtig waren. Dat ze bij het eerste verhoor zeiden: “Ja, ik zag de koster in de kerk,” maar een paar weken later zeiden ze: “Nee, ik heb die koster nooit in de kerk gezien.” Dat gebeurt zo vaak dat je gaat twijfelen: durven mensen soms niet vrijuit te spreken? Dat is in die tijdgeest wel te begrijpen. Dat zag je bijvoorbeeld ook toen Michael Jackson beschuldigd werd, dat iedereen zei: “Nee, dat kan niet, dat heeft Michael Jackson niet gedaan.” Zo was de pastoor van de Noordhoekkerk hun Michael Jackson. Ze hadden alle geestelijken op een voetstuk staan. En dus móest het wel de schilder zijn geweest. Dat kan ook de gedachtegang zijn. Daarom wil ik niet per se zeggen dat de kerk probeerde om mensen het zwijgen op te leggen – maar de kerk was eigenlijk al zo machtig dat dat niet eens hoefde.’  

De moordzaak ging destijds een eigen leven leiden in de media en onder de mensen, op een manier die doet denken aan het huidige fenomeen van ‘trial by media’. Kunnen wij in dat opzicht iets van deze zaak leren? 

‘Je kunt denk ik vooral een vergelijking maken met hoe je een voedingsbodem creëert voor een doofpot. Dat mensen niet vrijuit durven te praten, dat mensen wegkijken om hun eigen functie niet in gevaar te brengen. Ik denk dat nu precies hetzelfde kan gebeuren, alleen dan misschien niet vanuit de kerk maar vanuit de filmindustrie of de sportwereld. Dat dat idee van wegkijken nog steeds speelt. Dat is voor mij wel een eyeopener: dat het niet uitmaakt wat het instituut is dat zo machtig is, maar dat dat fenomeen toch blijft voortbestaan onder steeds een andere vorm.’ 

© Liselotte Leest
Liselotte van Leest, De zaak-Marietje Kessels. De onopgeloste kindermoord in de Tilburgse Noordhoekkerk, Uitgeverij Volt, 336 pagina’s (€ 22,50)

Dit interview verscheen eerder in de Boekenkrant, editie juni 2022.
Benieuwd geworden? Bestel dit boek bij uw lokale Boekenkrant-boekhandel. Kijk hier voor een overzicht.

Berichten gemaakt 5330

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde berichten

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven