Spullen brengen- Jelle Brandt Corstius

Roadtrip naar een land in oorlog

Voormalig Ruslandcorrespondent Jelle Brandt Corstius reed afgelopen zomer naar Oekraïne. In het reisgezelschap bevonden zich onder meer collega-schrijvers Jaap Scholten en Tommy Wieringa. Naast zeven auto’s gingen ook helmen, kogel werende vesten en medische artikelen mee naar het land. In zijn boek Spullen brengen verhaalt hij over de negendaagse reis naar oorlogsgebied.


Door HUGO JAGER


Jelle Brandt Corstius laat er bij vertrek uit Nederland geen misverstand over bestaan dat hij het als een avontuur ziet. ‘Het voelt geweldig, stoer en kinderachtig tegelijk om hier zo van te genieten. Voor ons ligt tweeduizend kilometer aan asfalt en we zakken weg in onze enorme stoelen. We gaan vol in de roadtripmodus.’ Dat plezier is van korte duur. Samen met een correspondent als bijrijder zit hij in een Nissan Pathfinder die het al bij Muiderberg lijkt te begeven. Lijkt, want door opnieuw te starten, krijgen ze de auto weer aan de praat.

Hoe dan ook, met een loszittende brandstoftank is het een wonder dat ze Oekraïne weten te bereiken. Zoals te verwachten, is de oorlog daar nadrukkelijk aanwezig. In het hotel in Kyiv moet het gezelschap regelmatig de schuilkelder in als het lucht alarm klinkt. Toch zijn er genoeg mogelijkheden voor uitstapjes. Zo bezoekt Brandt Corstius met Tommy Wieringa Babi Jar, de plek waar tijdens de Tweede Wereldoorlog 33.000 Joden werden vermoord. Het blijkt er heel rustig. ‘Ik snap het wel’, schrijft hij. ‘Waarom je bekommeren om een oorlog als je zelf midden in een andere oorlog zit.’

Een andere tocht brengt ze naar het dorp Loekasjivka, dat werd bezet in de begindagen van de oorlog. Een vrouw uit het plaatsje vertelt Brandt Corstius dat ze de Russische soldaten die in hun huis ingekwartierd zaten vroeg waarom ze waren gekomen. ‘Om jullie te bevrijdden’, luidde het simpele antwoord. Waarop de vrouw nuchter zei dat ze dat helemaal niet wilde. En eigenlijk had de vrouw nog geluk. Want toen de soldaten zich moesten terugtrekken, namen ze alleen wat huisraad mee. Terwijl ze in de omliggende dorpen de plaatselijke bevolking vermoordden of verkrachtten.

In Kyiv bezoekt Brandt Corstius een haastig opgezet oorlogsmuseum. Met als bezienswaardigheden buitgemaakte Russische tanks, een verzameling schoenen en bijeengebrachte paspoorten van gedode militairen. Allemaal om te laten zien dat de vijand valt te bedwingen. Met succes, want het museum blijkt voor de inwoners een populair familie-uitje. Ergens is dit boek wrang. Door de roadtrip en uitstapjes in een land van oorlog komen plezier en leed op een onwerkelijke manier samen. Daar komt bij dat de schrijver zelf soms nadrukkelijk verstek laat gaan. Zo is hij er niet bij aanwezig als de auto en goederen door een officier in ontvangst worden genomen. En toch is dat ongeorganiseerde ook een pluspunt. Brandt Corstius vertelt het verhaal van een land in oorlog op een geheel vrije manier, zoals alleen hij dat kan.

Jelle Brandt Corstius, Spullen brengen,

Das Mag, 184 pagina’s (€ 20,99)

Berichten gemaakt 5295

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde berichten

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven