Interview Jennifer Saint: ‘Ik wilde uitvinden hoe Elektra zo verknipt was geworden’

Na de mythe van de Minotauros in Ariadne laat Jennifer Saint nu haar licht schijnen op de Trojaanse oorlog. In Elektra lezen we het bekende verhaal niet vanaf het slagveld, maar vanuit drie vrouwen die allemaal een sleutelrol speelden in deze tragedie.

Door Mirjam Mulder

Nadat Klytaimnestra met Agamemnon is getrouwd, probeert ze te wennen aan haar nieuwe leven als koningin van Mykene. Daar leert ze over de gruwelijke vloek die er op haar nieuwe familie rust. Ook zij ontkomt daar niet aan, als haar man een gruwelijk offer maakt aan de vooravond van de Trojaanse oorlog. Ze wil niets meer dan wraak op hem nemen. In Troje draagt prinses Kassandra haar eigen vloek met zich mee: ze heeft voorzien dat haar stad ten onder zal gaan, maar niemand die haar gelooft. Ondertussen groeit Elektra’s wrok jegens haar moeder Klytaimnestra. Wanneer keert haar geliefde vader eindelijk terug?

Jennifer Saint

Elektra is het titelpersonage, maar het boek volgt ook twee andere vrouwen, Klytaimnestra en Kassandra. Waarom heb je ervoor gekozen om vanuit deze drie personages te schrijven?

‘Ik begon met het idee dat ik graag het thema “vrouwelijke woede” wilde verkennen in de klassieke mythologie. Dat leek me zo’n interessant onderwerp voor een boek, omdat woede vaak iets is dat vrouwen wordt geleerd om te onderdrukken. Zeker in de extreem patriarchale wereld waarin deze mythes plaatsvinden. Daarnaast wilde ik ook graag de Trojaanse oorlog bezoeken, omdat die zo eindeloos fascinerend is. Maar niet door zelf op het slagveld te gaan staan; op die manier is het verhaal al heel vaak verteld. Het leek mij veel interessanter om de oorlog op de achtergrond te laten plaatsvinden en het conflict waarin deze drie vrouwen verwikkeld zijn naar de voorgrond te halen.

‘Die twee elementen gaven me deze drie vertellers. Want je hebt Klytaimnestra, die geheel gedreven wordt door haar woede voor Agamemnon voor wat hij haar heeft aangedaan. En Kassandra, die zich in de vreselijke positie bevindt dat ze de toekomst kan zien, maar dat niemand haar gelooft. En Elektra, een heel boeiend personage, omdat haar woede zo misplaatst is: ze is boos op haar moeder, terwijl het juist haar vader was die haar moeder iets vreselijks heeft aangedaan. Die moeder-dochterrelatie wilde ik ook vooral meer uitdiepen.’

Welk van deze personages vond je het moeilijkst om over te schrijven?

‘Het boek begon eigenlijk met Klytaimnestra. Eerst dacht ik dat ik alleen op haar zou focussen, in plaats van op Elektra. Elektra groeit door het boek heen, en dat gebeurde ook voor mij tijdens het schrijfproces, omdat ik haar erg moeilijk vond om me in te verplaatsen. Zij houdt namelijk de status quo omhoog, terwijl Klytaimnestra, haar moeder, daartegen rebelleert. En ik denk dat het makkelijker is om je te identificeren met het rebelse personage, dat zegt dat wat haar is aangedaan verkeerd is en daar iets tegen wil doen. Maar dat zorgde er ook voor dat ik Elektra juist veel interessanter vond, ik moest harder voor haar werken, om uit te vinden hoe ze in hemelsnaam zo verknipt is geworden.’

Elektra was erg hecht met haar vader, en is nog maar een kind als hij weggaat naar Troje. Is dat waar haar misplaatste woede voor haar moeder vandaan komt?

‘Ja, zowel zij als Klytaimnestra zijn emotioneel “bevroren” nadat Agamemnon weggaat. Waar Klytaimnestra alleen nog maar kan denken aan wraak, kan Elektra niet over het verlies van haar vader heen komen. Het is denk ik ook makkelijk voor een kind om een ouder te idealiseren die er niet is. En om te denken dat alles weer oké zou zijn als hij hier was. Doordat Elektra niet weet wie Agamemnon echt is, kan hij voor haar alles zijn. Dat was de enige manier waarop ik Elektra kon begrijpen.’

Klytaimnestra komt via haar huwelijk in een familie terecht met een erg gewelddadige geschiedenis. Men zegt dat ze zijn vervloekt. Zie jij die vloek als een metafoor voor hoe geweld in een familie kan worden doorgegeven?

‘Ja! Ik houd ervan dat het op beide manieren kan functioneren: dat het ook daadwerkelijk een vloek van de goden kan zijn. De wereld van de Griekse mythologie is een wereld waarin de goden echt tussen de mensen lopen en hun levens beïnvloeden. Ik lees het dus graag op die manier: dat deze familie een vloek van de goden over zich heeft afgeroepen en ze daardoor telkens weer dezelfde fouten maken. En tegelijkertijd lees ik het ook als een metafoor voor een generationeel trauma, dat iedere generatie van deze familie geboren wordt in een situatie waarin geweld tegen elkaar de norm is. Daarin zit een heel menselijk element, dat iemand de fouten maakt die hij anderen al heeft zien maken, omdat hij denkt dat het dit keer anders zal uitpakken. Met het idee dat hij die cyclus tot een einde kan brengen, terwijl hij daarmee juist nog een zwengel aan het rad geeft. Dus, ik zie het als een verhaal over menselijke zwakte en trauma, evenals een verhaal over magie en goden. Dat vind ik een van de meest boeiende dingen aan mythologie, dat het beide kan zijn.’

Jennifer Saint, Elektra, vertaling: Saskia Peterzon-Kotte, Uitgeverij Orlando, 348 pagina’s (€ 24,99)

Dit interview verscheen eerder in de Boekenkrant, editie juli 2022.
Benieuwd geworden? Bestel dit boek bij uw lokale Boekenkrant-boekhandel. Kijk hier voor een overzicht.

Berichten gemaakt 5329

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde berichten

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven