Boekfragment: Terras Altas 1. Puur Wit

Tijdens haar reis over het Laagland, stort het luchtschip dat Lily naar haar verloofde moet brengen neer. Ze belandt op een plek waar nachtmerries haar ook overdag teisteren.

‘Ze wordt wakker.’
‘Zit ze goed vast?’
‘Ja, die gaat nergens heen hoor, Rain.
Hebben ze het over mij? Ik gluur door mijn wimpers naar de mensen die mij omringen. 
Ze dragen vreemde kleding. Veel bruin en zwart. Leren borst- en armbeschermers met hier en daar metalen stukken die eruitzien alsof ze gerecycled zijn. En wapens. Gevaarlijk uitziende messen, dolken en pistolen. Kilte nestelt zich in mijn borstkas als ik besef dat dit bannelingen zijn. Paniek slaat de mist in mijn hoofd uiteen en ik ben in één klap helder. 
Ik wil me tegen deze misdadigers verdedigen. Touw snijdt ruw in mijn polsen wanneer ik me probeer los te wurmen. Ook mijn enkels zijn aan elkaar gebonden en er schiet een steek door mijn kuit. Als ik naar beneden kijk om de schade op te nemen zie ik tot mijn verbazing dat de wond met nette steken is gehecht. Ik slaak een kreet en onmiddellijk is alle aandacht op mij gericht. 
‘Hé, rustig aan, Hooglander! Je kunt niet ontsnappen dus kap met dat gedoe.’
Mijn blik schiet naar degene die gesproken heeft. Hij draagt een leren kap voor zijn mond en is daardoor lastig te verstaan. Zijn wenkbrauw is opgesierd door een zilverkleurige piercing en zijn haar, dat aan de linkerkant is opgeschoren, valt aan de andere kant tot net iets over zijn schouderbeschermer. Hoewel hij lang en slank is, doet zijn nonchalante houding vermoeden dat hij sterker is dan hij eruitziet.
‘Ze is geschrokken, laat haar even bijkomen,’ zegt de roodharige jongen naast hem. Hij draagt een vliegeniersbril en glimlacht vriendelijk, een uitdrukking die totaal niet past bij het pistool dat vakkundig achter zijn riem is gestoken. 
‘Zou ze van dat luchtschip komen?’ bromt een derde stem. De grote man buigt zich voorover om me beter te bekijken en ik deins achteruit. Er klinkt een zacht gerinkel als de tandwielen van zijn ketting tegen elkaar aan tikken. Hij draagt een vreemd hoofddeksel, dat nog het meeste wegheeft van een halve berenschedel, behalve dat het grotendeels van metaal gemaakt is. Zijn ongeschoren gezicht straalt een en al vijandigheid uit. Wat zijn deze misdadigers met me van plan? Als ze me wilden vermoorden hebben ze daar alle kans voor gehad toen ik buiten bewustzijn was. Een rilling kruipt over mijn ruggengraat. Dat betekent dus dat ze liever hebben dat ik lijd… 
Opnieuw worstel ik tegen de touwen. Ik weet heus wel dat ik geen schijn van kans maak, maar ik wil me niet als een lam naar de slachtbank laten brengen. Vechtend ten onder!
‘Grote Naí, het is best een druktemaker, hè?’ De rossige jongen trekt de bril weg, zet hem op zijn hoofd tussen zijn warrige haren en glimlacht opnieuw. ‘Kalmeer eens, joh.’ 
Maar dat ben ik zeker niet van plan. Integendeel, als een schurk zijn gezicht laat zien dan weet je dat hij ervan uitgaat dat je hem later nooit kan aanwijzen als dader.
De jongen met het opgeschoren haar haalt zonder waarschuwing uit. Zijn gehandschoende vuist slaat tegen de zijkant van mijn hoofd. Ik ben zelfs te geschokt om het uit te schreeuwen. Verbluft stop ik met bewegen en kijk de jongen die me geslagen heeft tussen lokken wit haar door boos aan. Mijn kaak en jukbeen gloeien.
‘Rain!’
‘Ja, wat? Ze kan beter gelijk haar plaats kennen.’

Boekgegevens

Patty van Delft, Terras Altas 1. Puur Wit, Celtica Publishing, 348 pagina’s (€ 20,95)

Dit boekfragment verscheen eerder in de Boekenkrant, editie september 2020

Berichten gemaakt 5328

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde berichten

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven