Boekfragment: Manderley voor altijd

In Manderley voor altijd schetst Tatiana de Rosnay een fascinerend portret van Daphne du Maurier, een vrouw wier leven net zo mysterieus was als het werk dat zij schreef, vol psychologische spanning.

Als ze na het wandelingetje thuiskomen moet ze het portaal in dat Daphne gigantisch vindt, en vervolgens een paar treden op die rechts naar de woning leiden. Nanny krijgt de logge kinderwagen niet in haar eentje naar boven. Ze moeten aanbellen zodat iemand haar komt helpen. Daphne kibbelt met haar oudere zusje Angela over wie van hen tweeën op de bel mag drukken. Ze moet op haar tenen gaan staan om bij het koperen knopje te kunnen.

Hun kinderjuffrouw draagt dag in dag uit hetzelfde uniform. Daphne kijkt er graag naar: een grijze mantel, een zwart hoedje en een voile voor haar gezicht. Een van de dienstmeisjes komt haar helpen met de kinderwagen. Ze heeft een schort voor en een wit kapje op haar hoofd. Ze vinden de kinderwagen maar zwaar. Jeanne, de baby in de kinderwagen, lacht. Daphne heeft gemerkt dat iedereen smelt als er een lachje op het blozende gezicht van haar kleine zusje verschijnt.

Als ze eenmaal in de lange gang zijn, ziet Daphne mantels, stola’s en capes aan de kapstok hangen, hoort ze geroezemoes en geschater uit de salon links komen en snuift ze vleugjes parfum op die ze niet kent. Haar hart trekt samen. Die geluiden en geuren betekenen dat er dames zijn uitgenodigd voor de lunch, en dat zij straks, als ze boven in de nursery hebben gegeten, naar beneden moeten om gedag te zeggen. Angela zit daar niet mee; zij vindt dat geweldig en vraagt nu al wie er bij haar moeder zijn. Maar Daphne rent zo hard als ze kan de trap op. Ze wil weg nu het nog kan, naar boven, naar de grote nursery op de bovenste verdieping, om zich daar te verschuilen in de aangename warmte van de kinderkamer met het poppenhuis, de met linnen beklede schatkist, de speelgoedkast met twee planken (een voor Angela, een voor haar) en de oude leunstoel die zomaar kan veranderen in een schip dat is vastgelopen op het strand. Ze loopt naar de schouw waarin vlammetjes knetteren achter het haardscherm. De tafel is gedekt voor drie personen: voor nanny, Angela en haar, want de kleine Jeanne eet nog in de kinderstoel. Ze kijkt naar Albany Street, naar de kazerne. De stem van nanny klinkt op. Ze roept Daphne meerdere keren. Ze moet haar handen wassen voor ze aan tafel gaan. Maar ze wil haar handen niet wassen, wil niet eten; ze wil uit het raam blijven kijken, naar de leden van de Life Guards die terugkeren van hun ochtendronde. Haar vader heeft haar ooit verteld dat dit het oudste regiment van het Britse leger is, dat als taak heeft het vorstenhuis en de koninklijke paleizen te bewaken. Ze moet en zal de fonkeling van hun glanzende borstharnas, de pluimen op hun helm en hun helrode uniform zien. Sinds ze niet meer bij Jeanne op de kamer slaapt, maar bij haar oudere zusje aan de andere kant van de nursery, wekt het klaroengeschal van de reveille haar al bij het krieken van de dag uit haar slaap, maar dat vindt ze niet erg.

3 Cover Manderley voor Altijd

Boekgegevens

Tatiana de Rosnay, Manderley voor altijd, vertaling: Noor Koch, Uitgeverij Ambo|Anthos, 464 pagina’s, ISBN 978 90 263 3245 6 (€ 21,99)

Dit boekfragment verscheen eerder in de Boekenkrant, editie april 2016.

Berichten gemaakt 5315

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde berichten

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven