Boekfragment: Dorsten

Dorsten is het prozadebuut van Nienke ’s Gravemade. Stuk voor stuk proberen de hoofdpersonen een verlangen te stillen, tegen beter weten in.

Heb je weleens een plastic zak door de lucht zien vliegen? De wind hoeft maar even zijn aandacht te verliezen en de zak valt te pletter tussen een rij fietsen, raakt verstrikt in een boom of dwarrelt het water in waar een vis het ding aanziet voor brood en in die verkeerde waarneming stikt. Wie heeft dan schuld aan de dood van de vis? De maker van de zak? Of degene die ’m losliet. De wind. Of de boom, die de zak niet in haar takken klemde. De bejaarde vrouw die deze ochtend te moe was om naar de waterkant te gaan om brood te strooien, zoals iedere andere dag? Of de vis zelf, omdat hij te gulzig was?

Het is half drie ’s nachts. Zijn vingers grijpen in de mijne. We zitten op de stoep. Ik lig met mijn hoofd op zijn schoot, opgetrokken knieën. De kou laat ik aan me voorbij glijden, geen tijd. Ik kijk omhoog, zie zijn kin met ontluikende baardharen. Zijn wangen, wimpers, mollige wenkbrauwen, de pathetische glinstering van straatverlichting in norse ogen. In de verte het gezoem van een zinderend Piccadilly Circus. Een teug lucht, door mijn neus, diep mijn onderbuik in, door de mond gestaag weer naar buiten. Hij hoort het zachte suizen, stopt zijn strelen.

Zijn wijsvinger vindt mijn onderlip, bovenlip, het geultje onder mijn neus. Ik heb dorst. Hij kust me, terloops. Zijn droge lippen raken de mijne. Ik voel me zestien als ik bij hem ben. Maar toen was hij nog niet geboren.

We vertrokken in stilte, want dan werd het niet te beladen. We vonden een krankzinnig mooi huis in een veel te keurige buurt. Een maand later gingen we. Niemand die ons uitzwaaide, omdat we er niemand om hadden gevraagd. We doen het gewoon, en hoe ver is het nou helemaal? Het is ook weer geen Australië. Van land tot land zwem je er een flinke 180 kilometer over, maar met de Eurostar ben je er zo. Hoeveel heimwee kun je hebben?

Veel. Naar vrienden, naar een groot vaarwel-feest.

Want ik realiseer me nu, wie met stille trom vertrekt moet niet verwachten dat er een fanfare klaarstaat bij terugkomst. Het is niet erg, het is hoe de wind waait. Maar hadden we dat glas gedronken met de geliefden die we in onze wereld hadden verzameld, dan hadden we meer eer betoond aan dat waar we van weggingen. Had ik mijn anker in kunnen halen en hier weer laten zakken. In plaats daarvan sneed ik de ketting door om nergens meer aan land te gaan.

Ik begrijp ze nu beter. De mensen die teruggaan naar het dorp waar ze opgroeiden. Want is het niet zo dat we beter kunnen voelen als we weten waar we zijn of zijn geweest? Wat we deden, toen, en hoe we er nu naar kunnen kijken? Herinneringen, hoe die een steviger vorm krijgen als je weer terug in het vertrouwde decor staat. En onszelf door de ogen zien van de mensen die ons het beste kennen.

Mijn vrienden, hoe ze doorleven daar waar ik alles tot in detail ken en hoe zij zelfs met de beste wil niet mijn wereld delen. Ik mis het om ze niet hoeven te missen, want altijd in de buurt. Ik kon goed alleen zijn, want er was geen eenzaamheid. Ik kon gemakkelijk verdwijnen, want er was altijd iemand die me vond.

Nienke ’s Gravemade, Dorsten, Uitgeverij de Harmonie, 174 pagina’s (€ 20,00)

Dit fragment verscheen eerder in de Boekenkrant, editie december 2022.
Benieuwd geworden? Bestel dit boek bij uw lokale Boekenkrant-boekhandel. Kijk hier voor een overzicht.

Berichten gemaakt 5317

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde berichten

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven