Recensie: De eerste zwarte ontdekkingsreiziger van Amerika

Hij is een voetnoot in de geschiedenis van de Spaanse ontdekkingsreizen. In La Florida geeft Laila Lalami de tot slaaf gemaakte Mustafa ibn Muhammad een stem. Zijn gefictionaliseerde reisverslag neemt je mee op ontdekkingsreis door Amerika.

Door Laura Molenaar

Laila Lalami (c) April Rocha

Het is 1527. Castiliaanse ontdekkingsreizigers hebben ‘nieuw’ land gevonden in wat nu Florida heet. ‘Doet u wat wij zeggen, dan zal het u goed vergaan (…). Indien u echter niet gehoorzaamt (…), weet dan dat we op alle mogelijke manieren oorlog tegen u zullen voeren,’ leest de notaris voor wanneer ze voet aan wal zetten. Zijn akte is gericht aan de oorspronkelijke bewoners van Nieuw-Spanje. Dat er geen enkele oorspronkelijke bewoner bij aanwezig is, wekt de verbazing van Mustafa ibn Muhammad, een tot slaaf gemaakte Marokkaanse handelaar.

Mustafa, of ‘Estevanico’, zoals hij als slaaf genoemd wordt, vertelt in La Florida hoe hij op dat Amerikaanse strand terecht is gekomen. Het boek leest als een reisverslag, en is een gefictionaliseerde versie van een waargebeurde expeditie. Tussen fragmenten van het reisverslag door volgen we Mustafa tijdens zijn jeugd in Marokko. Daar werkt hij zich in korte tijd op als succesvol handelaar. Het geld lonkt en verblindt hem; op een bepaald moment verhandelt hij zelf ook slaven. Wrang genoeg vindt Mustafa pas als tot slaaf gemaakte goud, of iets wat erop lijkt, op het strand waar ze aanmeren in Florida. Maar dan mag hij het natuurlijk niet houden, en moet hij toezien hoe zijn Castiliaanse meesters met goudkoorts besmet raken. Ze gaan op zoek naar het koninkrijk Apalache, waar nog veel meer goud te vinden zou zijn. Daarbij wordt niet moeilijk gedaan over het plunderen van in de weg liggende indianendorpen.

De spookverhalen die de ronde doen over de oorspronkelijke bewoners – heidense, redeloze kannibalen – krijgen een veelzeggende wending wanneer de kolonisten met rampspoed en tegenslag te maken krijgen. Ze worden gek van de honger en dorst en sommigen eten zelfs hun reisgenoten op. En als ze – spoiler alert – na veel pijn en lijden de ‘beschaving’ weer bereiken, worden ze geconfronteerd met de oude rolpatronen. Mustafa wordt van slimme navigator die de inheemse taal leert spreken weer een nobody, wie niet eens gevraagd wordt om zijn ervaringen op schrift te stellen. Vandaar dat hij dat in dit dagboek uit de doeken doet, zo laat hij in de roman weten.

Lalami’s gefictionaliseerde dagboek van Muhammad is gebaseerd op een voetnoot uit het verslag van Cabeza de Vaca, één van de vier overlevenden van de expeditie. Hij schreef: ‘de vierde [overlevende] is Estevanico, een Arabische zwarte uit Azamor.’ Verder is er niets over ‘Estevanico’ bewaard gebleven, een onrecht in de geschiedenis waar Lalami terecht op wijst in deze goed geschreven en razend spannende roman.

Laila Lalami, La Florida, vertaling: Lucie van Rooijen en Inger Limburg, Uitgeverij Nieuw Amsterdam, 334 pagina’s (€ 24,99)

Deze recensie verscheen eerder in de Boekenkrant, editie september 2020.   
Benieuwd geworden? Bestel dit boek bij uw lokale Boekenkrant-boekhandel. Kijk hier voor een overzicht.

Berichten gemaakt 5328

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde berichten

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven