Stemmen uit de inrichting

De Boekenweek van 2015 draait misschien om de waanzin, maar de manier waarop auteurs hun gedachten over dit onderwerp aan het papier toevertrouwen gaat veel verder terug. Het meest indringend zijn de verhalen van schrijvers die zelf in een kliniek zijn opgenomen.

Vogels van waanzin‘Laat alle hoop, gij die hier ingaat, varen’. Deze spreuk staat niet alleen op de poort naar de hel in De goddelijke komedie van Dante, maar opent ook een van de sonnetten uit de bundel Infernale Impressies van dichter Willem Kloos. Kloos schreef deze sonnetten in 1895 toen hij in een gesticht in Utrecht was opgenomen. De fragmenten die Ranne Hovius in haar boek Vogels van waanzin heeft opgenomen spreken boekdelen: Kloos vond de inrichting waarin hij verbleef een regelrechte hel. ‘Gekken zitten in hun kerkgebouw als stomme mummiën met stenen ogen’. Honderd jaar geleden was contact met medepatiënten nauwelijks mogelijk: een onderhoud met een psychiater was een zeldzaamheid en de verpleging had als enige doel om de rust bewaren.

Een eeuw later beschrijven talloze auteurs nog steeds hun ervaringen met een verblijf in een psychiatrische instelling. Al is de insteek van de meeste verhalen wel veranderd: Alleenechtheid en authenticiteit voeren de boventoon. Een goed voorbeeld is het boek Alleen, waarin Wouter Kusters en Sam Gerrits een aspect van de psychiatrische instelling ter sprake brengen waar nog steeds een groot taboe op rust: de isoleercel. Om het ultieme alleen zijn te illustreren, gebruiken ze hun eigen ervaringen met eenzame opsluiting. ‘Is wat hij buiten ziet eigenlijk binnen? Daar lijkt het wel op. Hij zit afgezonderd, geïsoleerd van het warm kloppende hart van de binnenkant van de mensheid’.

UPMyrthe van der Meer kiest in haar boeken Paaz en Up voor een andere aanpak. Met een flinke dosis humor beschrijft ze het wel en wee op de afdeling. ‘Op het eerste gezicht is de afdeling psychiatrie niet anders dan de andere afdelingen van het ziekenhuis: je komt er met een probleem binnen en je gaat er al dan niet genezen weer weg’. Ook Van der Meer steekt niet onder stoelen of banken dat ze de ervaringen van haar verblijf op een psychiatrische afdeling na een burn-out verweven heeft in beide boeken.

Op welke manier auteurs ervaringen met waanzin ook in hun eigen werk laten doorklinken: de scheidslijn tussen fictie en non-fictie is vaak dun. Auteurs doorspekken hun verhaal al dan niet met fictieve elementen, en durven zo hun eigen stille pijn aan de wereld te tonen. Het resultaat is een keur aan indringende, verrassende en treffende verhalen.

Boekgegevens

  • Wouter Kusters en Sam Gerrits, Alleen, Uitgeverij Lemniscaat, ISBN 978 90 477 0080 7 (€ 24,95)
  • Ranne Hovius, Vogels van waanzin, Uitgeverij Nieuwezijds, ISBN 978 90 571 2442 6 (tot 1 april €15,00, daarna € 19,95)
  • Myrthe van der Meer, Up, Uitgeverij The House of Books, ISBN 978 90 443 4720 3 (€ 19,99)

Dit artikel verscheen eerder in de Boekenkrant, editie maart 2015

Berichten gemaakt 5330

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde berichten

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven